U bevindt zich op: Home Aanvraagformulier Deel A: Bioveiligheidsaspecten Milieurisicobeoordeling (ERA)

Milieurisicobeoordeling (ERA)

Centraal in deel A van het aanvraagformulier staat de milieurisicobeoordeling (Environmental Risk Assessment, ERA).

De risicobeoordeling moet worden uitgevoerd voor ieder afzonderlijk GGO waarop de aanvraag betrekking heeft, en indien van toepassing, ook voor combinaties van de GGO’s. In de risicobeoordeling moeten de effecten van de GGO's in beschouwing worden genomen die voortvloeien uit interacties van de GGO’s onderling en in het/de milieu(s) waarin zij door de in de aanvraag beschreven introductie terecht (kunnen) komen; het gaat hierbij om effecten die betrekking hebben op de veiligheid van mens en milieu. In het aanvraagformulier staan aspecten beschreven die in ieder geval in beschouwing genomen moeten worden.

De stappen van een milieurisicobeoordeling staan beschreven in Bijlage II van de Richtlijn 2001/18/EC en het hierbij behorend richtsnoer (2002/623/EG) van de Europese Commissie. Bij de risicobeoordeling dienen zowel directe, indirecte, onmiddellijke en vertraagde effecten van het GGO op mens en milieu in beschouwing te worden genomen. Een milieurisicobeoordeling omvat de volgende onderdelen, die in de aangegeven volgorde volledig moeten worden behandeld:

  1. Inventarisatie van de mogelijke negatieve effecten die kunnen optreden;
  2. Evaluatie van de mogelijke gevolgen van elk schadelijk effect, indien dit optreedt
  3. Evaluatie van de waarschijnlijkheid van het optreden van elk mogelijk schadelijk effect;
  4. Op basis van de voorgaande stappen: een evaluatie van de risico's, en een inschatting van de ernst van die risico's. Bij de inschatting van de ernst kan een vergelijking worden gemaakt met de ernst die wordt toegekend aan vergelijkbare risico's, bijvoorbeeld in vergelijkbare situaties waarbij vergelijkbare effecten optreden met niet-GGO's ('baseline principe').
  5. Indien in stap 4 de conclusie wordt getrokken dat het risico niet verwaarloosbaar klein is, moet worden nagegaan welke risicobeheersingmaatregelen (bijvoorbeeld het afplakken van een injectiewond) kunnen worden toegepast om de risico's doelmatig terug te dringen;
  6. Eindconclusie van de risicobeoordeling waarin wordt aangegeven welke risicobeheersingmaatregelen zullen worden voorgeschreven, en een conclusie wordt getrokken over de aanvaardbaarheid van de risico's, bij toepassing van de beschreven risicobeheersingmaatregelen.

 

Zoeken:

Service